Scope 1, 2 en 3 emissies: Dé basis voor effectieve CO₂-reductieplannen 

Scope 1, 2 en 3 zijn drie emissiecategorieën die jouw totale uitstoot verdelen in directe en indirecte emissies. Ontdek welke onderdelen van je bedrijfsvoering in welke scope vallen én hoe deze informatie jou helpt effectief te reduceren.  

Soraya Redjopawiro_Factor Delta
Soraya Redjopawiro - 20 Feb 2026
CO2 voetafdruk
CO2 meting

Wat zijn Scope 1, 2 en 3? 

Scope 1, 2 en 3 zijn emissiecategorieën die je broeikasgasemissies indelen naar hun oorsprong. Scope 1 omvat directe emissies uit bronnen die je zelf bezit of beheert. Scope 2 bestaat uit indirecte emissies door het gebruik van ingekochte energie. Scope 3 omvat alle overige indirecte emissies in de waardeketen en is bij veel bedrijven verantwoordelijk voor 70–90% van de totale uitstoot. 

De scope-1-2-3 indeling komt uit het bekende Greenhouse Gas Protocol (GHG Protocol). Dit is dé wereldwijde standaard voor het meten en rapporteren van broeikasgasemissies die o.a. wordt toegepast in het SBTi, de CSRD en de VSME.  

Het doel van deze drie scopes is grip te krijgen op wáár jouw emissies vandaan komen en hoé je hiervoor verantwoordelijk bent. Je krijgt inzicht in: 

  • waar in je bedrijfsvoering en waardeketen emissies ontstaan;  
  • hoeveel invloed je erop hebt; én  
  • waar reductiemaatregelen het meeste effect hebben. 

Cruciale informatie voor een effectief CO₂ reductieplan dus. 

**Belangrijk: Naast CO₂ stoten we ook andere broeikasgassen uit. Het GHG Protocol rekent deze andere broeikasgassen met een CO₂-emissiefactor om naar één eenheid: een CO₂-equivalent (CO₂e). Zo ontstaat één vergelijkbaar totaalbeeld. 

Wat valt er onder Scope 1, 2 en 3? 

We duiken in welke emissies onder welke scope vallen, aan de hand van een voorbeeld van een Nederlands koffiebedrijf.  

Scope 1 - directe emissies 

Scope 1-emissies zijn directe emissies uit bronnen die een bedrijf bezit of controleert. Deze emissies komen uit de directe verbranding van brandstof- en aardgasverbruik of energieopwekking voor het gebruik van eigen machines, voertuigen of installaties. Hierbij horen ook emissies die per ongeluk worden veroorzaakt, denk aan een chemische lek.  

Scope 1 emissies ontstaan binnen de eigen bedrijfsvoering en zijn direct beïnvloedbaar: stopt het gebruik, dan stopt ook de uitstoot.  

  • Emissiebronnen van scope 1: bedrijfsfaciliteiten, bedrijfswagens (wagenpark), bedrijfsprocessen.   

Voorbeeld - koffiebedrijf: 

Het koffiebedrijf heeft een eigen branderij in Limburg. De koffiebrander draait op aardas. Ook wordt het pand verwarmd met aardgas. De gebrande bonen worden met een eigen bedrijfsbusje gebracht naar de eigen koffiezaak, en de horecaklanten, in Amsterdam. De emissies door aardgas- én benzinegebruik vallen onder scope 1. 

 

Scope 2 – indirecte emissies van ingekochte energie 

Scope 2-emissies zijn indirecte emissies van ingekochte energie voor eigen gebruik. De uitstoot vindt plaats bij de energieleverancier, maar is gekoppeld aan jouw energieverbruik. Hierdoor ben jij verantwoordelijk voor deze emissies.  

  • Emissiebronnen: Ingekochte elektriciteit, warmte, stoom of koeling. 

Voorbeeld - koffiebedrijf: 

De branderij wordt verlicht met elektriciteit. De bijbehorende eigen koffiezaak gebruikt elektriciteit voor verlichting en de koffiemachines en wordt verwarmd met ingekochte stadsverwarming. De emissies die ontstaan bij de productie van deze ingekochte elektriciteit en stadswarmte vallen onder scope 2. 

Scope 3 – overige indirecte emissies in de waardeketen 

Scope 3-emissies zijn alle overige indirecte emissies in de waardeketen, zowel in de toeleveringsketen (upstream) als bij klanten (downstream). Denk aan emissies van leveranciers, transport, gebruik van producten en afvalverwerking.  

Voor veel bedrijven valt het grootste deel van de totale uitstoot onder scope 3. Deze emissies in kaart brengen is complexer omdat je met 15 verschillende emissiebronnen werkt - maar noodzakelijk voor het creëren van het juiste inzicht voor een effectief CO₂-reductieplan. Het geeft namelijk antwoord op de vraag: hoe verhouden mijn bedrijfsactiviteiten zich tot mijn uitstoot? 

  • Emissiebronnen: 15 categorieën, waaronder emissies als gevolg van woon-werkverkeer, end-of-life behandeling van verkochte producten en ingekochte goederen en diensten.   

Voorbeeld - koffiebedrijf:

De meeste emissies van het koffiebedrijf ontstaan in de keten. Denk aan emissies bij de teelt van koffie (door het gebruik van meststoffen en landgebruik), het transport van koffiebonen naar Nederland, de productie van verpakkingen, het elektriciteitsverbruik van koffiemachines bij klanten en de verwerking van afvalstromen, zoals koffiedik en gebruikte verpakkingen. Dit zijn allemaal scope 3-emissies. 

"Wat kun je met je scope 3 emissies?"

Om kost-effectief met CO₂-reductie aan de slag te gaan, zit er veel potentie in scope 3. Maar om voor je hele scope 3 maatregelen te verzinnen, heeft geen zin. Ook in je scope 3 zijn er namelijk bepaalde diensten of product categorieën die meer uitstoot veroorzaken dan anderen. Hier zit je grootste reductiepotentieel én zullen je tijd, middelen en investeringen het beste tot hun recht komen.

Duik daarom in je scope 3 emissies én ga ze filteren:

  1. Welke emissie categorieën binnen mijn scope 3 veroorzaken de grootste uitstoot?
  2. Welke ketenpartners (leveranciers of dienstverleners) veroorzaken hierin de meeste uitstoot?
  3. Waardoor dragen de producten of diensten van deze ketenpartners het meeste bij aan de CO2 uitstoot? Wat is de oorzaak?

Zodra je de oorzaak van je grootste CO₂-bronnen weet, kun je gericht maatregelen gaan bedenken: andere productieprocessen, andere teeltpraktijken, andere producten inkopen, andere transportprocessen, etc.

"Moet ik al mijn ketenpartners betrekken voor mijn scope 3 berekening?" 

Gelukkig hoeft je voor eerste scope 3 berekening niet gelijk alle data van je ketenpartners paraat te hebben.

Met marktgemiddelden kan een sterke eerste berekening worden gemaakt die duidelijke indicatie geeft welke ketenschakels de meeste uitstoot veroorzaken. Vervolgens kun je samen met deze schakels in datakwaliteit duiken. Zo ga je efficiënt om met je tijd en middelen.   

Aan de slag met je scope 1, 2 en 3  

Als grip wil krijgen op CO₂-reductie én wil voldoen aan keten- en regelgevingseisen, begint dit bij inzicht in jouw scope 1, 2 en 3 emissies.  

Ga jij aan de slag met je scope-1-2-3 analyse? Bepaal dan éérst het doel van de analyse. Bijvoorbeeld: 

Wil je inzicht in je grootste emissiebronnen? Wil je transparant rapporteren en/of communiceren over je impact? Of wil je onderbouwde SBTi-doelstellingen opstellen?  

Het doel bepaalt de benodigde diepgang van je scope 1, 2 en 3-analyse - en voorkomt dat je nu al meer doet dan nodig is (of juist te weinig). 

Wil jij aan de slag met je scope 1, 2, of 3 berekening, analyse - of heb je vragen over het vereiste detailniveau voor jouw bedrijf? Neem gerust contact met ons op, we denken graag met je mee.

Bronnen 

Vragen over scope 1, 2, en 3? Of even brainstormen?

Onze klimaatexperts staan voor je klaar. Neem gerust contact op.

Scope 1, 2 en 3 emissies uitgelegd | Factor Delta